Voorjaarsnota

Financiële opgave 2026-2030

In dit hoofdstuk schetsen we enkele belangrijke financiële opgaven waar we in de komende periode met elkaar aan moeten werken.  Deze opgaven hebben niet alleen impact op onze financiële positie Tegelijk zijn het ook maatschappelijke uitdagingen die we het hoofd moeten bieden. Deze twee zaken kunnen niet los van elkaar gezien worden.

Alle opgaven moeten bijdragen aan de ontwikkeling van een completen stad.

Ontwikkeling naar een complete stad

We bouwen niet alleen woningen maar we bouwen een complete stad. Een stad waar je, naast een huis, goed werk kunt vinden, waar je vrije tijd kan spenderen, waar je kan sporten en goed onderwijs kan volgen. Dat maakt een aantrekkelijke stad. Een duurzame en groene stad, met een goede bereikbaarheid en mobiliteit. We zijn bezig met een inventarisatie welke investeringen de komende jaren op ons pad komen. In de bijlage ‘gemeentelijke investeringsreserve’ laten we zien wat we tot nu toe in beeld hebben gebracht. Dat is een inventarisatie van maatschappelijke voorzieningen in Almere Centrum en de vervangingsopgave van ons eigen vastgoed, integraal onderwijshuisvestingsplan en bovenwijkse investeringen. De inventarisatie is nog lang niet compleet, de komende maanden werken we hier verder aan.
In de bijlage doen we ook suggesties voor dekking. Naast de algemene middelen kijken we daarvoor bijvoorbeeld ook naar winstafdracht uit onze grondexploitaties en het Fonds Verstedelijking Almere. In deze voorjaarsnota neemt u nog geen besluit over de investeringsreserve. Dit volgt later in een apart raadsvoorstel, waarin ook het investeringsplan en de governance zijn uitgewerkt.

De volgende vier financiële opgaven moeten ook bijdragen aan het bouwen van een complete stad:

  • Woningbouw,
  • Jeugdhulp,
  • Beheer en onderhoud,
  • Uitvoeringskracht organisatie.

Naast deze onderwerpen zijn er nog vele andere ontwikkelingen en opgaven. Voorbeelden zijn het tekort aan leraren en huisartsen, de bestrijding van armoede, de energietransitie, de ontwikkeling van een gemeentelijk warmtebedrijf, veiligheid etc. Het is geen limitatieve opsomming.

Woningbouw

De woningmarkt in Almere staat onder druk

De krapte-indicator voor de regio Flevoland stond in het vierde kwartaal van 2025 op 1,6; een waarde die duidt op een extreem krappe markt. De verhouding tussen vraag en aanbod is scheef. Een belangrijke onderliggende reden dat deze krapte niet afneemt is het achterblijven van de woningbouwproductie. De afgelopen 5 jaar zijn er gemiddeld 1.650 woningen per jaar opgeleverd in Almere, wat ruim onvoldoende is om het woningtekort terug te dringen.

Het is cruciaal dat we ook daadwerkelijk tot realisatie van deze plannen komen

Hoewel er op papier voldoende plannen zijn, blijkt het in de praktijk moeilijk om de plannen snel te realiseren. Ook in Almere spelen beperkingen zoals netcongestie, stikstof en bouwkosten een rol in het tempo van realisatie. Het grootste risico daarvan ligt bij netcongestie. Naar verwachting is dit niet voor 2033 opgelost, waardoor de realisatie van woningen, maar ook bijbehorende voorzieningen en werkgelegenheid, onder druk staat.

We willen 45.000 woningen bouwen tot 2040

De huidige ambitie voor het aantal te bouwen woningen is vastgelegd in het Stedelijk woningbouwprogramma Almere (SWPA) 2025: totaal 45.000 nieuwe woningen tot en met 2040. Dat zijn 3.000 woningen per jaar, wat dus fors hoger is dan het gemiddelde van 1.650 woningen per jaar in de afgelopen 5 jaar. Daarnaast staat in het SWPA de ambitie om stadsbreed het percentage sociale woningbouw te herstellen naar minimaal 30%. Het realiseren van voldoende nieuwe woningen is in de komende periode een belangrijke opgave voor de ontwikkeling van de stad en het terugdringen van het woningtekort. Het levert ook geld op dat we kunnen investeren in de ontwikkeling van de stad, zoals het realiseren van bovenwijkse voorzieningen, stedelijke vernieuwing en maatschappelijk vastgoed. Keuzes die we maken, bijvoorbeeld voor hogere parkeernormen of meer betaalbare woningen, kunnen de haalbaarheid van plannen en het verdienvermogen van het grondbedrijf wel onder druk zetten.

Jeugdhulp

De jeugdhulp staat al jaren onder druk door jaarlijkse stijging van de zorgvraag en kosten

Dit is een landelijk probleem dat ook in Almere speelt. Landelijk is er daarom een hervormingsagenda opgesteld. De belangrijkste doelen hiervan zijn minder instroom, betere kwaliteit en financiële beheersbaarheid. Het Almeerse transformatieplan het investeringsfonds jeugd en gezin komen voort uit de hervormingsagenda. Een belangrijk onderdeel van deze transformatie is de inrichting van Stevige Lokale Teams en het toegroeien naar 0 tot 100 teams. Deze teams die opereren op wijkniveau moeten inwoners sneller, beter en passender helpen en tegelijkertijd de uitgaven voor jeugdzorg helpen terugdringen. De beweging is ingezet inmiddels zijn er twee teams actief. De uitdaging is om dit de komende raadsperiode ook daadwerkelijk te realiseren. Daarnaast is het noodzakelijk om de sociaalpedagogische basis te verstevigen, zodat een beroep op jeugdhulp kan worden voorkomen en hiermee de instroom kan worden teruggedrongen. Een andere manier van inkopen van zorg moet eraan bijdragen dat er meer grip op kwaliteit en kosten van de jeugdhulp ontstaat. Deze transformaties zijn inmiddels ingezet en vragen een rigoureuze andere manier van werken, voor zowel het veld als de ambtelijke organisatie. Om doelen te realiseren moeten we ook onze eigen interne organisatie op orde brengen en voorbereiden op de toekomst.

Landelijk (wetgevings)traject Hervormingsagenda

Landelijk zijn al een aantal wetten vastgesteld. De Reikwijdte jeugdwet zit nog in de consultatiefase. Deze wet moet gemeenten meer mogelijkheden geven om te sturen op de inzet van jeugdhulp. Er zullen echter weinig tot geen harde sturingsmogelijkheden in de wet zitten om de kosten te verlagen. Het succes van de lokale transformatie en toegang en regie op de jeugdhulp is bepalend.
Ook de voortgang van de andere financiering van de jeugdwet is nog niet gereed. Wel zal begin 2027 een tweede adviesrapport van de commissie van Ark moeten verschijnen. Hierin zal geen structurele oplossing zitten. We verwachten een advies over onder andere financiële afspraken van kostendeling tussen Rijk en gemeenten.

Conclusie

De conclusie is dat er hard wordt gewerkt, maar de transformatie nog in de beginfase zit. We investeren daarom nu in de transformatie. Dit is noodzakelijk zowel buiten het stadhuis (partners, stevige lokale teams) als binnen het stadhuis. Indien de transformatie vertraagd of minder succesvol is dan gehoopt, dan zal dit een grote financiële druk op de begroting blijven leggen. Het gaat hierbij om grote getallen. Bij een volumegroei van 4% per jaar de komende 5 jaar stijgt het tekort met cumulatief € 25 miljoen structureel. Dit is de gemiddelde volumegroei van de afgelopen 5 jaar.

Beheer en onderhoud

Openbare ruimte

Onze stad veroudert en de kosten van het onderhoud van de openbare ruimte stijgen. We hebben veel plannen en ambities, maar het is een uitdaging om het werk gedaan te krijgen. Aannemers zitten vol en personeel is schaars, procedures duren lang etc. Dit leidt tot bijvoorbeeld uitstel van groot onderhoud.
Het budget dat nu beschikbaar is voor beheer, onderhoud en vervanging, is nodig voor de instandhouding van wat er nu is. In onze ouder wordende stad zien we de opgave echter groeien. Daarbij komt bijvoorbeeld ook de aanleg van de riolering in Oosterwold kijken. Dit vraagt veel tijd, inzet en geld. Om de opgave in beeld te brengen werken we nu aan het actualiseren van de beheer- en vervangingsopgave voor de komende jaren. Deze de actualisatie van het Strategisch Asset Managementplan (SAMP) wordt eind 2026 met de raad gedeeld

Verduurzaming gemeentelijk maatschappelijk vastgoed

Een van de grote uitdagingen waar de gemeente voor staat is de verduurzaming van haar gebouwen. Deze uitdaging is regelmatig onder uw aandacht gebracht. Onlangs nog in de raadsbrief van 7 oktober 2025 over het Meerjaren Perspectief Vastgoed Almere 2026.
Vanaf 2026 komen er nieuwe verplichtingen voor energiebesparing, verduurzaming of renovatie voor overheden. Dat is vastgelegd in de Europese Energie-Efficiëntie Richtlijn (EED) en in de Europese Richtlijn Energieprestatie van gebouwen (EPBD IV). De rijksoverheid vertaalt deze richtlijnen naar nationale regelgeving.

In de Routekaart Verduurzaming Gemeentelijk Vastgoed Almere 2023 hebben we laten zien hoe groot deze opgave is. Bij de programmabegroting 2024 is een verduurzamingskrediet ter beschikking gesteld voor de 1 e  tranche verduurzaming. Om te voldoen aan de regelgeving is aanvullend geld nodig voor de verdere verduurzaming van ons gemeentelijk vastgoed.

Uitvoeringskracht organisatie

Onze gemeente is een aantrekkelijke werkgever

Er is een sterk fundament in de organisatie als het gaat om werkplezier, collegialiteit, zingeving en motivatie om voor Almere te mogen werken. De organisatie heeft de afgelopen raadsperiode veel grote bestuurlijke ambities kunnen realiseren, een prestatie waar we als college trots op zijn.

We constateren tegelijkertijd dat de uitvoeringskracht onder druk staat

Het werk van onze medewerkers wordt complexer en er komt steeds meer bij. De regeldruk en neemt toe, de ambtelijke organisatie moet aan steeds meer eisen voldoen. Bijvoorbeeld op het gebied van privacy, informatieveiligheid, informatiebeheer, participatie, wet open overheid, archief en compliance. Het Rijk blijft ook nieuwe taken neerleggen bij gemeenten, vaak zonder genoeg geld. Daar bovenop krijgen gemeenten steeds nieuwe bezuinigingen vanuit de rijksoverheid. Dit maakt dat met steeds minder geld ons werk moeten doen. Nog los van de grote opgaven waar onze stad voor staat.

Het is niet verstandig nog meer efficiency bezuinigingen neer te leggen bij de organisatie

Om de organisatie te versterken hebt u in 2022 structureel € 11,6 miljoen beschikbaar gesteld. Dit geld is gericht op specifieke beleidsterreinen. Daarna is vanaf 2023 in meerdere generieke bezuinigingsronden € 10 miljoen aan taakstellingen in de ambtelijke organisatie doorgevoerd. Dit was nodig om de begroting sluitend te maken. Hiermee is het extra geld in feite weer wegbezuinigd.
Door de ‘kaasschaaf’ toe te passen moest ieder organisatieonderdeel bezuinigen. Dit is ten koste gegaan van de personele capaciteit. Bijvoorbeeld op het gebied van woningbouw, beheer en onderhoud, zorg en veiligheid maar ook in de bedrijfsvoering. Dat leidt tot meer werkdruk en - als er gaten vallen - hoge inhuurkosten. Door deze bezuinigingen is de rek er in de organisatie uit. De ‘kaasschaaf’ werkt niet meer. Dat betekent dat, bij eventuele verdere bezuinigingen, het maken van keuzes onvermijdelijk is. Dus dan ook besluiten om bepaalde taken niet, of in mindere mate te gaan doen.

Voor college en organisatie staat het vergroten van de uitvoeringskracht hoog op de agenda

Conform motie Agenderen behoud uitvoeringskracht gemeenteorganisatie” gaan het college en de gemeentesecretaris graag met de gemeenteraad in gesprek over de staat van de organisatie. Onze gezamenlijke opgave voor de komende periode is om, gezien de financiële druk en de al besloten bezuinigingen, de uitvoerings- en slagkracht van de organisatie op peil te houden en te verbeteren.

Deze pagina is gebouwd op 05/26/2026 10:33:22 met de export van 05/26/2026 09:20:31